Afghanistan

 

 

 

AFGHANISTAN  MAAKTE ALS  ARACHOSIA  DEEL UIT VAN HET RIJK VAN DE Perzen en van de Meden. Later werd het gebied veroverd door Alexander de Grote en ging het als gelijknamige provincie behoren tot de rijken van de Seleuciden en de Parthen. Vervolgens behoorde het tot het Rijk van de Sassanieden als de provincies Baktrië en Sakastana. Deze provincies werden in de jaren 646/651 door de Arabieren op de Sassanieden veroverd. De  bevolking van het gebied werd in  de achtste eeuw tot  de  islam  bekeerd. 

 

Het Moderne Afghanistan

In de traditie van de Arabische wereld beperkte zich het gebruik van staats- en heersers-symbolen zich lange tijd tot vlaggen en tughra’s. De eerste vlag die in Afghanistan werd gebruikt zou de vlag van Abu Khorasani die in de 9e  eeuw regeerde zijn geweest. Bij een verzoek om politieke en militaire steun bij de uitroeping van Imam Ibrahim [1]) tot Kalief, was Khorasani een zwarte vlag toegezonden met de naam Rayat u zili (Vlag van de Schaduw). De stok ervan was 14 meter lang en het doek zelf 6 meter. Zwart was de kleur van de Abassiden (750-1258). Op hun vlaggen stonden koranteksten in witte letters.[2]

Anders echter dan de Imam in zijn streven te steunen, stichtte Khorasani een van Bagdad onafhankelijke dynastie. De “Vlag van de Schaduw” bleef echter wel onder hem en zijn opvolgers in gebruik als staats- en militaire vlag. Voor zichzelf gebruikten de Afghaanse vorsten een rode vlag.

De stichter van het moderne Afghaanse vorstenhuis Durrani, Ahmad Shah was de eerste die een embleem gebruikte. Vanaf zijn kroning in 1747 is het een zwaard en een ster omgeven door een krans van tarwearen. Deze krans zou ontleend zijn aan de legende van Yama. Yama was een eenvoudige herder die in het veld door een adelaar met tarwearen werd gekroond. Hij werd later de eerste Afghaanse koning.[3] Bij zijn verkiezing door de Afghaanse Nationale Vergadering, de Lai Jirgah werd ook Ahmad met zo’n kroon gekroond. Het zwaard in het embleem is te beschouwen als het symbool van een islamitische legeraanvoerder, het is het zwaard van de Islam ofwel het zwaard van Ali, genaamd Dhu ‘l Fakar.

De emirs uit het Huis Barakzay (1826-1919) gebruikten aanvankelijk alleen vlaggen, soms rood, soms groen (de kleur van van de islam). Die van Shir Ali was groen-wit-groen in horizontale banen.[4] Onder de regering van Abdurrahman (1879-1901) werden de nationale kleur en de vlag zwart ter herinnering aan de vlag van Khorasani. Abdurrahman slaagde er ook in een sterke centrale regering te vestigen. In dit kader verschijnt er vanaf 1890 op munten een embleem. Het stelt een moskee voor waarin een mirhab (gebedsnis) en een minbar (preekstoel) te zien zijn. De moskee wordt geflankeerd door twee vlaggen. Tot 1919 wordt het embleem gewoonlijk vergezeld door een wapentableau en een ster.

Op 28 februari 1919 riep Aman Allah Afhanistan, tot dan toe een emiraat onder Britse protectie, uit tot een onafhankelijk koninkrijk. Tegelijkertijd werd de vlag veranderd door het toevoegen van een embleem, nu gevat in een achtpuntige stralenkrans. Het wapentableau werd gereduceerd tot twee gekruiste sabels. In 1921 werd na de erkenning van de onafhankelijkheid van Afghanistan door de Britten bij de Vrede van Rawalpindi (op 22.XI), de stralenkrans ovaal en kreeg zeven punten in plaats van acht. De moskee werd gekroond met een koninklijke tulband en boven de gekruiste sabels werd een opengeslagen boek toegevoegd. Vanaf 1926 riep Aman Allah zichzelf uit tot shah waarop het embleem werd veranderd door de stralenkrans te vervangen door een lauwerkrans.

In 1928 werd het embleem veranderd waarbij als voorbeeld de nieuwe heraldiek van de Sovjet Unie als voorbeeld werd genomen. In het midden staat een bergketen die de drie hoogste toppen van het grensgebergte met Pakistan voorstelt. Er boven staat een vijfpuntige socialistische ster en het geheel is omgeven door een krans van tarwearen die de landbouw moeten symboliseren. Het embleme waarvan alleen een beschrijving bestaat wordt wel in gouden lijnen op een rood veld afbeeld maar ook wel geheel ingekleurd: de bergen in de natuurlijke kleuren, de zon en de krans rood, de ster rood met een gele rand en het lint eveneens rood.

Het embleem werd al op 27 januari 1929 na de abdicatie van Aman Allah Khan bij het korte optreden van Inayat Allah afgeschaft vanwege het socialistische karakter. Het oude embleem uit de eerste regeringsperiode van Aman Allah werd hersteld. Enige maanden later werd Muhammad Nadir uit het Huis Sardar koning. Hij veranderde het embleem op de vlag door de kroon, het boek en de sabels weg te laten. De (achtpuntige) stralenkrans werd vervangen door een lauwerkroon.

 

 

Goldcoin with the emblem of Nadir Shah, 1929.

Garland of laurel instead of  the eight-pointed halo.The date below the mosque is the date of issue.

 

Bij grondwet van 31 october 1931 werd een geheel nieuwe vlag aangenomen. Hij bestaat uit drie verticale banen in de historische kleuren zwart, rood en groen. In het midden staat in wit een embleem. Het is de moskee met de vlaggen maar nu omringd met een krans van tarwearen, omwonden met een lint met daarop de naam van het land. Onder de moskee staat het jaartal 1348 (1929), het jaar van de troonsbestijging van Muhammad Nadir. Alleenstaand wordt het embleem ook wel geheel in goud afgebeeld. Op de koninklijke standaard staat hetzelfde embleem maar zonder lint en jaartal. Op de keerzijde ervan staat de koninklijke tughra.

De vlag en het embleem bleven in gebruik tot de val van de monarchie in 1973. De Republiek van 17 juli van dat jaar bleef aanvankelijk het embleem met de moskee verder gebruiken, zij het met weglating van het jaartal. Een nieuw embleem werd vastgesteld bij de wijziging van de vlag op 9 mei 1974. De hoofdfiguur is nu de adelaar uit de legende van Yama met op zijn borst de gebedsnis uit het oude wapen. Eveneens ontleend aan de legende is de kroon van korenaren waarmee de adelaar omringd is. Op een lint onderaan de voorstelling staat de datum van de uitroeping van de Republiek: 26 changash 1352.

Op 27 april 1978 werd een marxistisch-leninistisch regime in Afghanistan gevestigd. De vlag, voor het eerst gehesen op 19 october van hetzelfde jaar werd, in navolging van de vlag van de Sovjet-Unie, rood met in de broektop een gouden embleem. Het is het woord voor “Volk” in het pushto (afghaans), in arabische letters. Er boven staat een gouden vijfpuntige ster voor de vijf volken van Afghanistan en er omheen is weer de kroon van Yama, nu ook bedoeld als symbool van de landbouw. De korenaren worden omwonden met een rood lint met daarop de naam van de republiek en de tekst: Revolutie van saur 1357 (april 1978) in gouden letters. [5]

In 1980 vond een regimewisseling plaats en werd een regering gevormd waarvan men hoopte dat deze aanvaardbaar zou zijn voor alle strijdende partijen in Afghanistan. Op de nieuwe vlag, aangenomen op 21 april, keerde men tot de traditionele kleuren zwart, rood en groen terug. Het rood wordt nu ook uitgelegd als de kleur van de beweging van de Roodhemden, een beweging die zich in de 16e en 17e eeuw verzette tegen de toen gebruikelijke vormen van onderdrukking en gemeenschappelijk grondbezit voorstond. Tegelijk stelt het rood het in de bevrijdingsoorlog tegen de Britten vergoten bloed voor. Het embleem in de broektop is een verbeelding van het politieke compromis. De hoofdfiguur is de gebedsnis op een groen veld en een opkomende stralende zon zoals die in de sovjetheraldiek gebruikelijk was. Bovenaan staat een rode socialistische ster en onderaan een opengeslagen koran. De voorstelling wordt omgeven door de symbolen van de landbouw en de industrie: een krans van korenaren en een tandrad, tesamengebonden met een lint in de kleuren van de vlag.

Ook de Republiek van 1980 heeft in de ogen van de Afghanen geen genade kunnen vinden. De grootste tegenstander van het bewind was het Nationale Bevrijdingsfront. Dit gebruikte een embleem dat teruggrijpt op het oude koninklijke wapen. Het was de moskee met vlaggen en arenkrans, geplaatst op een groene schijf. Op het lint staat weer de naam van het land. Bovenaan staat Allah hu Akbar (God is Groot) en eronder Djebhat Mile Nadjat Afghanistan (Afghaans Nationaal Bevrijdingsfront). De schijf is omgeven met een blauwe rand met daarop een vers uit de koran dat begint met de woorden “God heeft zijn strijders lief” en de formule: In de naam van de barmhartige God. [6]

In 1988 moesten de Russische troepen waarop de regering had gesteund zich terugtrekken. Het staatswapen werd daarop in april gewijzigd. De ster en het boek vervielen en de krans van aren, tandrad en lint werd anders geordend. [7]

In 1992 werd door de Islamitische Republiek Afghanistan het embleem op de vlag opnieuw veranderd. Hierbij werd teruggegrepen op het wapen van de monarchie dat in zijn belangrijkste onderdelen werd hersteld. Aan de krans van tarwearen werden twee kromzwaarden toegevoegd.

Tenslotte is na de verdrijving van de Talibaan op 27 januari 2002 de Islamitische Staat Afghanistan tot stand gekomen. Deze gebruikt opnieuw de vlag van het koninkrijk onder Nadir Shah. Het embleem werd op slechts enkele ondergeschikte punten veranderd o.m. door het veranderen van de datum en het toevoegen van de islamitische geloofsbelijdenis, de shahada. 

 

Een uitgebreide behandeling van de vlaggen en emblemen van Afghanistan door Roberto Breschi (in het italiaans). Hiervan zijn ook enkele afbeeldingen overgenomen.

 

De Antieke Rijken in Afghanistan.

 

 

Socalled “Locket of Kybele” from Ay Khanum, showing a  Seleucid provincial governor

 

Het gaat binnen het kader van dit artikel te ver om een diepgaand onderzoek te presenterren over de symbolen van de vorsten die op het grondgebied van het huidige Afghanistan hebben geregeerd. Het moet ook gezegd worden dat de bronnen daarover ook niet bijzonder overvloedig zijn. Wel kunnen we constateren dat deze symbolen vermoedelijk rechtstreeks ontleend zijn aan de rangsymbolen die in de rijken waartoe het gebied in de loop van de tijd heeft behoord gebruikelijk waren. In het bijzonder kunnen we hier rekenen op de leeuw als het symbool van het vorstelijk gezag in de provincies van het Rijk. Deze symbolen werden vermoedelijk ook verder gevoerd als het centrale gezag verdween of de vorst verregaand autonoom werd. Dit is bv. het geval geweest in het Perzië van de Safaviden.

Hoe de vorsten in Arachosia onder Seleucidisch bewind (312 v.C.-64 n.C.) er uit hebben gezien en van welke symbolen zij zich bedienden is bv. te zien op dit zgn. Medaillon van Kybele dat in Ay Khanum [8] werd gevonden. Afgebeeld is een stadhouder met een kenmerkende tiara op zijn hoofd die in een door leeuwen getrokken wagen staat. Achter hem houdt een dienaar een zonnescherm omhoog. Boven de voorstelling staat de buste van een seleucidische basileus met een stralenkrans om zijn hoofd. Rechts staat een wassenaar en een zestienstralige zon van het model dat de basileus om zijn hoofd heeft. De zon is hier het symbool van het Seleucidische Rijk, de wassenaar het symbool van het bewind dat door de stadhouder of onderkoning wordt uitgeoefend. Deze symbolen werden later ook door de Parthen en de Sassanieden gebruikt.

 

 

Prince of the east of the Sassanian Empire on a silver bowl  (ca. 700 n.C.)

 

He is wearing a dress with a lion in a locket as a sign of his military rank On his crown a crescent. The hearts probably are administrative symbols. On the picture there is no sun symbolizing the Empire.  (Mus. Hermitage, St. Petersburg  Inv. S-47)

 

Ook de Arabieren namen de symbolen van hun voorgangers over. De leeuw, die op het gewaad van de vorst op bovenstaandse afbeelding voorkomt, was tot voor kort ook het symbool van de sjah van Perzië.

Van 977 tot 1186 bestond er in het huidige Afghanistan het Ghaznavidische Rijk dat werd opgevolgd door het Ghuridische Rijk, het Choresmische Rijk en het Rijk van de Il-Khans. De symbolen van deze rijken waren gewoonlijk eveneens zonnen die op verschillende manieren grafisch werden weergegeven. Zo gebruikten  de Il-Khans een symbool dat gelijkenis vertoond met de huidige Japanse keizerlijke chrysant en zien we in het rijk van de Timuriden een stralende zon met een gezicht naar seldsjoeks voorbeeld. Aan al deze symbolen zal ter bestemder plekke aandacht worden besteed

H.d.V.

Voor een chronologische tabel van de geschiedenis van Afghanistan klik hier.

 

THE EMBLEMS OF MODERN AFGHANISTAN

 

KINGDOM OF AFGHANISTAN

Doulat i Pádsháhí ye Afghánistán

28.02.1919-17.07.1973

 

 

Aman Allah

1919-1929

 

Arms: A mosque with a minbar and a mihrab, between two flags, in base a six-pointed star or two swords in saltire.

Supporter: A halo of eight points.

 

 

 

Arms: A mosque with a minbar and a mihrab, between two flags, in chief the kings turban, in base an open book and two swords in saltire.

Supporter: A halo of seven points.

All in white rendering on a black flag.

1921

 

Arms: A mountain range of three summits and a rising sun radiant.

Crest:  A fivepointed star.

Garland: Ears of wheat tied with a ribbon and the motto “Afghanestan”.

adopted 2. IX. 1928

 

Inayat Allah

            1929

Muhammad Nadir

1929-1933

 

 

Arms: A mosque with a minbar and a mihrab, between two national flags, in base the date 1348 H (1930 AD).

Garland: Ears of wheat tied with a ribbon.

Motto: Afghanistan in arab script.

All in white rendering on a red background.

By Constitution, 31st of October 1931

 

Muhammad Zahir

1933-1973

 

 

REPUBLIC OF AFGHANISTAN

Da Afghanistan Jamhuriyat

17.07.1973-27. 04.1978

 

 

Arms: An eagle issuant, charged with a minbar, in chief a rising sun radiant Or.

Garland: Ears of wheat, Or.

Motto: Da Afghanistan Jamhuriyat, 26 Changash 1352 in black arab script on a golden ribbon in base.

By law, 9th of May 1974

 

DEMOCRATIC REPUBLIC OF AFGHANISTAN

Da Afghanistan Dimukratik Jamhuriyat

27. vi . 1978-21.iv.1980

 

 

Arms: The afghan word for “The People”, Or.

Crest: A five-pointed star Or.

Garland: Ears of wheat Or, tied with a ribbon Gules.

Motto: “The 1357 Saur revolution” and “Afghan People’s Republic” in afghan and in golden arab script on a ribbon Gules.

Adopted 19th of October 1980.

 

DEMOCRATIC REPUBLIC OF AFGHANISTAN

Da Afghanistan Dimukratik Jamhuriyat

21.iv.1980-iv. 1988

 

 

Arms: Per fess Argent and Vert, over all a minbar proper, in chief a sun radiant Or, and in base an open book proper.

Crest: A five-pointed star Gules.

Garland: A cogwheel charged with ears of wheat Or, tied with a ribbon Sable, Gules and Vert.

adopted 21.04.1980

 

AFGHAN NATIONAL LIBERATION FRONT

 

 

Arms: Vert, a mosque with a minbar and a mihrab, between two flags.

Garland: Ears of wheat, tied with a ribbon.

Motto: In chief: “Allah hu Akhbar”; in base: “Djabhat Mile Nadjat Afghanistan”, in white arab script.

Legend: A verse from the Quran: God loves his soldiers &c. in white arab script on a bordure Azure.

Observed 1986 ca

 

REPUBLIC OF AFGHANISTAN

Da Afghanistan Jamhuriyat

04.1988-1992

Arms: Per fess Argent and Vert, over all a minbar proper, in chief a sun radiant Or.

Garland: Ears of wheat Or, charged in base with a demi-cogwheel Argent, tied with a ribbon Sable, Gules and Vert.

adopted 30.XI.1987

 

ISLAMIC REPUBLIC OF AFGHANISTAN 

Dawlat-e Eslami-ye Afghanestan, Di Afghanistan Islami Dawlat

1992-2002

 

 

Arms: A mosque with a minbar and a mihrab, between two flags, in base the date 1371 H (=1992 A.D.) and in chief a rising sun and the words Allahu Akbar (God is Omnipotent).

Garland: Ears of wheat tied with a ribbon with the motto Afghanestan and two swords in saltire. In chief the shahada: La ilaha il Allah, Muhammad-ur-Rasool-Allah (None has the right to be worshipped but Allah, and Muhammad is the Messenger of Allah)

All in yellow rendering.

Adopted spring of 1992

 

ISLAMIC STATE OF AFGHANISTAN

Dawlat-e Eslami-ye Afghanestan, Di Afghanistan Islami Dawlat

27.01. 2002

 

Arms: A mosque with a minbar and a mihrab, between two national flags, in base the date 1298 H (1919 AD) and in chief a rising sun and the words Allahu Akbar (God is Omnipotent).

Garland: Ears of wheat tied with a ribbon, in chief the shahada La ilaha il Allah, Muhammad-ur-Rasool-Allah (None has the right to be worshipped but Allah, and Muhammad is the Messenger of Allah)

Motto: “Afghanistan” in arab script.

All in white rendering on a red background.

 

ð See illustration in the head of this essay

 

This emblem was on a black-red-green flag adopted 27th of January 2002, the date below the mosque being 1380 H (1901 AD), the date of the accession of Habib Allah (1901-1919). By constitution of 4th of January 2004 the date was changed into 1298 H (1919 AD) the date of the foundation af the kingdom by Aman Allah (1919-1929), and the colour into white.

 

© Hubert de Vries 2006.06.22

Updated 2011-04-27



[1] In 817 [...] the population of Baghdad [...] proclaimed Ibrahim, son of al-Mahdi, caliph. Ibrahim, however, proved incapable of maintaining order either in the city or in the provinces, and his supporters rapidly dwindled. (Britt.: Caliphate p. 650).

[2] Over zwart als de kleur van de Abassieden: Artin, Yacoub: Contribution a l'étude du blason en Orient.  Londres, 1902.   pp. 31 e.v.

[3] Zie voor deze legende ook: Ackermann, Phyllis: Standards, Banners and Badges. In: A survey of Persian Art. . London 1939. H.: 67.

[4] Hefner, 1879 Taf. 66.

[5] Smith-Neubecker, op.cit. 1980 .

[6] Waargenomen in Amsterdam, 1986.

[7] Hesmer, op.cit 1992.

[8] N.O. Afghanistan, provincie Takhar  (37.7.60 N.B - 69.27.0 O.L.).